Duin en Kruidberg – 10 of 14 kilometer
Duin en Kruidberg, door de duinen
naar de zee.
Na vriendenbezoek in Zuid-Holland rijden we richting Haarlem
om te wandelen in het bos- en duingebied van
Nationaal Park Zuid Kennemerland. Het natuurgebied ligt
direct achter het station van Santpoort-Noord en is daarmee
goed met het openbaar vervoer bereikbaar. Wij parkeren
de auto op de parkeerplaats in het bos en bekijken op de
informatieborden nogmaals de route. Het routekaartje hebben
we uitgedraaid via de site van Natuurmonumenten, een van
de eigenaars en beheerders van dit gebied.
eldorado
Zoals ons wordt aangeraden laten we het fietspad voor wat
het is en pakken, direct na de betonnen zuilen, de blauwe
pijltjesroute die ons naar het strand leidt. Het zijn
smalle kronkelende paadjes door het bos. Prachtig is
de kleur van het lentegroen van bomen en struiken. Zonlicht
heeft nog kans om door de ontluikende blaadjes de grond
te bereiken en allerlei bloempjes genieten nu nog volop
van de warmtestralen.
Een bijzonder mooi stukje, waar een platgetrapt zand-/modderpaadje
slingert door een paarse gloed van bloeiende bodembedekkers
tussen de bomen, is een eldorado voor mijn zintuigen. Heerlijk
om weer buiten te zijn, te genieten van de lente en de
aangename temperatuur.
paarden en nieuwsgierige konijnen
Dan wordt de bosbegroeiing minder en zo’n beetje
op de rand van bos en duin staan we plotseling oog in oog
met een ree. Langzaam loopt het dier al knabbelend aan
alles wat het tegenkomt naar enkele bomen en bosjes en
blijft daar, zich niets van ons aantrekkend, rustig staan
eten. We lopen nu in het kale duingebied en vlakbij hoor
ik het gehinnik van een paard. Shetland pony's, Koniks
en Schotse Hooglanders worden hier ingezet opdat het gebied
goed begraasd wordt. Het paard is duidelijk op zoek naar
soortgenoten. Vlak voor ons draait het de weg op en loopt
een eindje voor ons uit voordat het in de duinen verdwijnt.
Later tijdens onze wandeling zien we dat het paard aansluiting
heeft gevonden en in gezelschap is van twee andere soortgenoten.
Bij de strandopgang klimmen we het laatste duin over en
zien een aantal mensen op het strand die zich prima vermaken
met vliegers en het bouwen van zandkastelen. Het is nog
net te koud om aan het strand te liggen, een duinpan in
de luwte is al wel goed te doen. Even staan we bovenop
te genieten van de zee en het weidse uitzicht naar zowel
zee als duingebied, voordat we ons al glijdend door het
zand weer laten afzakken naar de fietsenstalling beneden
aan het duin.
Nu moet de routebeschrijving erbij want van een blauwepijltjesroute
is nu geen sprake meer. We passeren wat duinmeertjes en
lopen inmiddels te zweten op het met stenen en scherven
verstevigde pad. Twee konijntjes schieten weg als ze ons
in zicht krijgen. Terwijl wij bij een klein plasje staan
waaruit stengels omhoog steken, komen ze, nieuwsgierig
als ze zijn, telkens even om het hoekje gluren.
jam, slakken en een verrassing
Het duingebied gaat langzamerhand weer over in bosgebied.
Ook hier staat veel Duindoorn, waarvan ik de jam zo
lekker vind. Dikke slakken met grote huizen liggen hier in de berm. Dit is
de wijngaardslak, een beschermde soort. Als we het bospad
uitkomen en op een klinkerweg stuiten gaat het even mis.
De klinkerweg ligt er vast nog niet lang en is nog niet
verwerkt in de routebeschrijving. Een vriendelijke meneer
die zittend op een bankje in de schaduw met veel aandacht
een designblad leest, stuurt ons de goede kant uit. Vanaf
het bospad gekomen moeten we dus gewoon rechts aanhouden.
Vogels kwetteren er lustig op los. De grote vogels (lees
vliegtuigen), die iedere paar minuten overvliegen kunnen
we missen als kiespijn. In de verte staan de hoogovens
van IJmuiden maar meestal zie je niet meer dan de witte
rook, vergelijkbaar met witte wolken, die ze uitstoten.
Aan het einde van de wandeling wacht ons nog een verrassing.
We worden een bebost duin opgestuurd en via een paadje aan
de rand van het duin klimmen we omhoog. Beneden stroomt een
klein beekje. Dan is er nog het herenhuis Duin en Kruidberg,
en de oude ijskelder waarvan alleen de ingang zichtbaar
is. IJs wordt er allang niet meer bewaard, het is nu een
overwinteringsplek voor vleermuizen. In het begin van de
19e eeuw haalden bedienden brokken ijs om de versnaperingen
van zomergasten koel te houden. Nu hebben we de koelkast
en de vriezer en de auto die ons comfortabel naar huis brengt. |