| |
12,5 en 13,5 kilometer of 26 kilometer
totaal, volledig verharde weg, ook geschikt
voor fietsers.
Over oude dijken en langs de Potskar
Zoals bekend, houden wij van natuur maar zijn we ook geïnteresseerd
in de geschiedenis van de gebieden waar we wandelen. Vandaag
maken we een wandeling die ons over oude dijken en langs natuurgebied
de Potskar ten noordoosten van Sneek voert. Je zou zeggen dat
ik dit gebied als mijn broekzak moet kennen, ik ben een geboren
Sneeker, maar niets is minder waar. Oke, de weg is mij bekend
maar de geschiedenis?
mei 12,5 kilometer
We starten aan het begin van de Groenedijk
(Grienedyk) in Sneek. Deze ligt ten noorden van
het centrum van Sneek en is, aangezien we deze
dijk niet meer als waterkering nodig hebben, volledig
ingebouwd door huizen, supermarkt en kerken.
De Grienedyk wordt twee keer onderbroken door een minirotonde
voordat we de stad uit zijn. Maar dan begint het genieten ook
direct. Een slingerende dijk met een rijk bloeiende berm, een
lager gelegen sloot aan weerskanten. In mei staat het fluitekruid
zachtjes te wiegen in de wind en in juni klimmen de bloemen
van de Bereklauw hemelhoog. Hier zijn nog weilanden die vol
staan met boterbloemen, paardebloemen, zuring, het is een streling
voor het oog. Ik begrijp wel dat boeren met ‘nieuw gras’
werken maar dat neemt niet weg dat ik de oude weilanden veel
liever zie. Ik vind ze zo romantisch. Ze doen me denken aan
dartelende meisjes met vlechten. Ze hebben witte jurkjes aan
en een mandje in de hand waarin de geplukte bloemen gevleid
worden. Ik kan het ook niet helpen, hopeloos.
potskar
We lopen langs natuurgebied Postkar zuid dat onderbroken wordt
door de Potten, een druk bezochte waterrecreatieplaats dat
in verbinding staat met het Sneekermeer. Het is een winterpolder
wat betekent dat de polder het hele jaar door droog staat.
Op de scheiding van Potskar zuid en Potskar noord komen we
bij het S.J. Gebrandygemaal een belangrijke schakel voor de
afwatering naar boezemwater.
Vanaf hier begint Potskar noord. Dit is een zomerpolder wat
betekent dat de polder ‘s winters onder water staat.
Bijzonder is dat je na 15 juni om de Potskar heen mag lopen
via de oevers van het natuurgebied. Dit wordt wel zeer bemoeilijkt
door het hoge riet, langs het riet is het wel mogelijk. Hier
en daar is er dan nog het uitzicht op het Sneekermeer te bewonderen.
Henk en Henk
Terwijl we langs de dijk van Potskar noord lopen zien we twee
mannen staan die met verrekijkers geconcentreerd in de verte
staren. Af en toe zie je hun lippen bewegen als ze iets tegen
elkaar zeggen. Ik vraag hun welke vogels hier zoal voorkomen.
Een stortvloed aan vogelnamen gaat aan ons voorbij. Ik hoor
kievit, grutto, ganzen. En in de bermen een scala aan kleinere
vogeltjes zoals blauwborst, fitis en de braamsluiper. De beide
mannen herkennen de vogel niet alleen aan hun verenpracht en
kleuren maar vooral ook aan de zang.
“Hoor, dat is de braamsluiper”. “Waar”,
roep ik, “ik zie ‘m niet”. Een schalks lachje
is mijn deel, want de braamsluiper, zoals de naam al zegt,
sluipt door de bramen en is dan niet bepaald zichtbaar. We
lopen een eindje met beide mannen, allebei Henk geheten, op.
Het zijn vogelaars en ze komen hier al jaren. Ze vertellen
over de weidevogelstand, die hier erg achteruitgegaan is. Vroeger
deden ze aan nazorg waarbij de nesten op het weiland werden
opgezocht en gemarkeerd zodat de boer er tijdens landwerkzaamheden
omheen kon rijden met de tractor.
op naar het Prinses Margrietkanaal
Na Potskar noord slaan we rechtsaf, de Mardyk in. Alweer een
oude dijk. We komen vlak langs het Sneekermeer en kijken over
het water naar kruisers en zeilboten. Helaas geen picknickbank,
het zou er een perfecte plek voor zijn. We naderen het Terzoolster
sluisje, dat nog met de hand bediend moet worden. Daar gaan
we zitten en eten onze broodjes. Het is een heerlijke plek
met een bankje en wat bomen.
Langs de weg die voor ons ligt staan geknotte bomen. Ze steken
ruw af tegen de lucht. Dan zijn we bij het Prinses Margrietkanaal
aangekomen, een drukke vaarroute. Grote vrachtschepen, riante
kruisers en vissersbootjes varen af en aan. Er is hier zelfs
een plaats waar men auto’s op of vanaf het schip kan
takelen.
Links van de weg hebben we uitzicht op boerderijen en weilanden
waarin koeien rustig staan te grazen. In de verte zien we de
kerktoren van Irnsum. De brug over het Prinses Margrietkanaal
komt snel dichterbij. Onder deze brug door is een plaats waar
veel mensen bij mooi weer hun camper of caravan stallen en
een hengeltje uitgooien in het kanaal. Er tegenover is landgoed/hotel/restaurant
De Oude Schouw, een oude pleisterplaats uit de 17e eeuw, met
een groot terras aan het water.
koffie
We klimmen de trappen van de brug op en hebben zo een weids
uitzicht op het gebied waar we net vandaan komen. Over de brug,
na zo’n honderd meter is de bushalte. Wij gaan eerst
naar landgoed/hotel/restaurant De Oude Schouw om te genieten
van een kopje koffie.
juni 13,5 kilometer
In plaats van de trappen van de brug op te gaan, slaan we linksaf,
het fietspad op richting Irnsum. We lopen een klein eindje
parallel aan de weg maar slaan al snel de Abbenwiersterdyk
in. Als we vroeger met mijn ouders langs deze afslag reden
dan konden ze het niet laten om te zeggen dat daar, in die
boerderij, Atje Keulen-Deelstra (beroemd schaatster) woonde.
‘t Is warm vandaag en de Abbenwiersterdyk biedt weinig
schaduw. Ik zie in de verte een roofvogel zitten op een hek.
Die wil ik graag op video vastleggen. Heel zachtjes sluipen
we dichterbij en ik houd de videocamera aan. Als ik later thuis
de beelden zie, zie ik gras, voeten, de weg, de lucht. De poging
om de inmiddels opgevlogen roofvogel in het zoekscherm van
de camera te krijgen, is grandioos mislukt. Stomme kleine schermpjes
ook!
Inmiddels gaat de Abbenwiersterdyk over in de Grienedyk, het
is een stelsel van dijkjes welke aangelegd werd toen de terpen
niet langer voldeden en men de handen ineen sloeg om het water
te keren zodat eb en vloed geen invloed meer hadden op het
land. Ook kon door het aanleggen van dijken, nieuw land gewonnen
worden. Door schade en schande is men wijs geworden want vele
vloeden, zoals de Allerheiligenvloed van 1570 verwoesten delen
van Friesland en maakten vele doden. Een bericht uit die tijd
meldt dat schepen van Sneek regelrecht naar Lemmer konden varen
waarbij alleen de kerken en torens vermeden moesten worden.
We realiseren het ons niet al te vaak meer dat we onder de
zeespiegel leven en dat de dijk waar we nu over lopen bij een
grote dijkdoorbraak langs de kust alsnog water te verduren
krijgt.
Bij een brug, waar we vroeger vaak zaten te vissen, varen enkel
bootjes voorbij. Ze komen via het Terzoolstersluisje waar we
eerder in mei onze broodjes hebben gegeten. Tjibbe wil vanaf
de slootkant wat foto’s maken en vindt een nest krioelende
springende kleine padjes. Die moet ik natuurlijk ook op de
video hebben. Gelukkig springen ze niet ver en daardoor kan
ik er een paar in beeld vangen.
kruisingen van oude dijken
We komen bij de kruising waar we eerder rechtsaf de Mardyk
opgegaan zijn. Nu gaan we rechts, richting Sijbrandaburen (Sibrandabuorren)
en Gau(w) via de Mardyk die hier de Griene Dyk kruist. Sijbrandaburen
en Gauw zijn dorpjes net als het verderop gelegen Goënga.
Lieflijke huisjes, een boerderij, echt het buitenleven.
Via de Pasfeardyk gaan we richting Loënga, langs de net
uitgebreide en vernieuwde camping met haventje. We gaan onder
de weg door, richting Sneek. Het water maakt onderdeel uit
van de nieuwe Middelseeroute, die de verschillende vaarten
met elkaar verbindt. Een mooie vaarroute erbij voor Friesland.
We komen weer bij het begin van de wandelroute aan, de cirkel
is rond en ik bedank in stilte de dijken, die nu prachtig liggen
te wezen maar eens het Heitelân (vaderland) beschermden.
Bron o.a. oude dijken: Land van terpen en dijken, Jan A. Niemeijer |
|