Slachtedyk, Tolsemersyl – Reahûs
- Friesland – 11 km
Slingerend over de dijk
Kwart over elf starten we bij de Tolsumersyl om deel II
van de Slachtedyk te lopen. Het waait stevig en dat merk
je hier goed bij een open landschap. De dijk slingert voor
ons uit terwijl het fluitekruid aan de zijkanten ons feestelijk
swingend begeleid.
Vandaag gaan we over de Nije Kromme, dit is een fiets- en
loopbrug welke speciaal voor de eerste Slachtemarathon is
aangelegd over de N359, de weg tussen Wommels en Bolsward.
Deze wandeling die elke vier jaar plaatsvindt en begeleid
wordt door allerlei culturele activiteiten vond voor het
eerst plaats in 2000. Met deze brug steken we de laatste
grote weg over. Ik kijk er naar uit.
We passeren een, wat wij denken, oude grenspaal welke dateert
uit 1707. De weg bestaat uit betonplaten en loopt prima.
Om de zoveel kilometer is de weg gemerkt met een soort van
stempel van de Slachtemarathon dat aangeeft hoeveel kilometer
je gelopen hebt en hoeveel het nog is tot aan het einde.
Voor mij werkt dit prima en ik let dan ook goed op of ik
het eerstvolgende teken al weer zie zodat we weer wat kilometers
achter de rug hebben. Niet dat deze wandeling vandaag lang
is, maar ik loop vandaag niet zo lekker.
Nije Kromme
Bij buurtschap “Swarte Beien”, zien we de loopbrug
voor het eerst. Als een halve maan ligt deze in het landschap.
We lopen stevig door totdat we bij een bloeiende kastanjeboom
aankomen. Die moet toch echt even op de foto en op de film.
Voorheen zag ik de bloemen in zijn geheel maar nu ik ze van
dichtbij bekijk zie ik de verschillend kleuren en de prachtige
vorm van de bloem met haar meeldraden. Een feest!
We naderen de Nije Kromme. Langs de weg staan hier gedichten
op doorzichtige glaspanelen. Boven op de brug blijf ik even
staan om naar de voorbij rijdende auto’s te kijken.
Maar de rust van de weilanden roept alweer. Vlak na de brug
is de Kromsyl. De balken om deze syl te sluiten liggen langs
het pad. We willen eigenlijk wel een hapje eten maar zoeken
daarvoor een plekje dat ons enige beschutting biedt tegen
de harde wind. Iets verderop bij een boerderij vinden we
zo’n plekje. We gaan in de berm zitten waar een klein
slootje ons scheidt van een weiland met wat koeien.
Zo halverwege onze boterhammen stapt vanachter een schuur
een stier te voorschijn. Hij heeft ons gelijk in het vizier
waardoor ik me direct ongemakkelijk begin te voelen. Hij
begint een beetje te grazen maar stopt steeds om naar ons
te kijken. Ik kijk naar hem en naar het kleine slootje wat
ons scheidt van elkaar. Ik prop de laatste happen van mijn
boterham naar binnen en zeg dat ik NU wil vertrekken. Pas
als de stier ons niet meer kan zien, voel ik me weer gerust.
kerktoren Reahûs
We vinden dit deel van de Slachtedyk erg prettig, het is
meer begroeid en niet allemaal zo recht als het gebied direct
achter de zeedijk. Je zou het knusser kunnen noemen.
We naderen Hidaard, weer zo’n pittoresk dorpje met
een grote kerk. Hidaard is slechts bereikbaar via de Slachtedyk
en een doodlopende weg. We zijn inmiddels heel wat merktekens
van de “afgelegde/nog te gaan” kilometers gepasseerd
maar als we linksaf slaan richting Reahûs zien we niets
meer. Misschien zijn ze afgesleten door het vele verkeer
dat er over heen rijdt. Hier liggen nog “katteogen” in
de weg. Dit zijn kleine reflectoren die in de weg zijn aangebracht.
Als de koplampen van de auto er op schijnen lichten deze
op. Ik dacht altijd dat het iets van vroeger was maar ook
nu wordt het nog gebruikt vanwege veiligheidsredenen.
Nog een paar laatste bochten komen we in Reahûs aan,
het tweede dorp waar de Slachtedyk doorheen loopt. Ons eindpunt
is de t-splitsing midden in het dorp vlakbij de hoge kerktoren.
Vanaf hier zullen we onze tocht komende vrijdag hervatten.
We hebben tot nu toe geen lange tochten gemaakt en ik merk
dat het gevoel van “ik heb het gedaan!” al een
beetje naar boven komt ondanks dat we het laatste deel nog
moeten lopen. Er zijn natuurlijk genoeg mensen die gemakkelijk
40 kilometer op een dag lopen, of zelfs vier dagen achter
elkaar, maar daar zijn wij niet op getraind. En dan nog betwijfel
ik of we 40 kilometer op een dag zouden halen want we vinden
het voornamelijk fijn, het liefst wel blaarvrij, om onderweg
van de natuur en de omgeving te genieten. Dat duurt nu eenmaal
langer. |